(c) Gemeente Utrecht, D. Claessen

Geschiedenis van de Domtoren

De afgelopen jaren is er veel onderzoek gedaan naar de bouw van de Domtoren en Domkerk door de gemeente Utrecht. Dit heeft geresulteerd in het boek: De Utrechtse Domtoren, Trots van de stad (2014), te koop bij VVV Utrecht, en een speciale website. Het boek en de website geven uitvoerig antwoord op vragen zoals: wie bouwde de toren eigenlijk? En hoe deden ze dat in de veertiende eeuw? Waren er veel werklieden bij betrokken? En stonden die op grote steigers hoog boven de stad? 

Bouw Domtoren website

Geschiedenis in vogelvlucht

1321 – 1342
De bouw van de Domtoren begint in 1321, maar vanwege geldgebrek ligt de bouw uiteindelijk van 1328 tot 1342 stil.

1382
De Domtoren is af: het is het hoogtepunt van het Domcomplex en het symbool van de wereldlijke en kerkelijke macht van de bisschop. Jan van Henegouwen en Jan van den Doem waren de belangrijkste bouwmeesters. De windvaan, met een afbeelding van Sint-Maarten, bevond zich op 106,75 meter hoogte.

1505
Klokkengieter Geert van Wou giet de 13 indrukwekkende luidklokken die halverwege de toren hangen. Alle klokken hebben een eigen naam en andere klank en wegen ruim 30.000 kilo. De klokken hangen in een zogenaamde houten klokkenstoel om hun gewicht en de trillingen op te kunnen vangen.

1580
Het jaar van de beeldenstorm. Beelden en heiligdommen van de katholieken worden vernield en de Dom wordt een protestantse kerk.

1664
De gebroeders Hemony leveren 35 klokken voor het nieuwe carillon van de toren.

1674
Een allesverwoestende tornado raast over Utrecht op 1 augustus 1674 en het middenschip van de kerk stort in. Ook elders in de stad is er veel schade door de storm. De kerk en toren raken voorgoed van elkaar gescheiden.

1826
De resten van het ingestorte middenschip worden opgeruimd en het huidige Domplein ontstaat.

1836
De Domtoren is er slecht aan toe, en krijgt in 1836 een opknapbeurt die 5 jaar gaat duren. Even wordt er zelfs gedacht aan het slopen van de toren. Gelukkig is dat plan nooit doorgezet!

1901-1930
Tussen 1901 en 1930 wordt de toren nogmaals gerestaureerd. Voorzitter van de restauratiecommissie is de beroemde architect P.J.H. Cuypers. Zo wordt de spits voorzien van een nieuw dak waardoor de toren in totaal 112 meter en 32 centimeter hoog wordt en krijgt de Domtoren een ontvangstgebouw met een statig trapportaal. De architect van het ontvangstgebouw is G.W. van Heukelom, ook bekend van het ProRail gebouw: de Inktpot, het grootste bakstenen gebouw van Nederland.

De Domtoren is klaar voor de toekomst!